Met fysiek doel ik op het menselijk lichaam. Het menselijk lichaam is een complex systeem dat bestaat uit veel onderdelen. Elk onderdeel heeft een eigen functie, maar kan ook minder of niet functioneren en daarmee een kleine of grote invloed hebben. Deze complexiteit zorgt er voor dat het ook best lastig is om een lichaam gezond te houden. Ik probeer eerst maar eens te kijken wat er allemaal voorkomt in het lichaam, zonder dat ik de illusie heb alles te benoemen.
Organen
In het lichaam hebben we circa 80 organen, afhankelijk van wat je rekent tot een orgaan. Een orgaan is een onderdeel met een specifieke functie en bestaat uit een verzameling weefsels. Daarnaast kunnen een aantal organen weer een orgaanstelsel vormen. Denk bijvoorbeeld aan het verteringsstelsel waarbij voedsel via de slokdarm in de maag komt, vervolgens door de dunne- en daarna dikke darm gaat en vervolgens via de anus het lichaam verlaat. Je kan je voorstellen dat als in zo’n orgaanstelsel één orgaan niet goed werkt, de impact best groot kan zijn.
De weefsel waaruit organen bestaan, kunnen zich over het algemeen wel herstellen na een beschadiging. Dat hangt wel af van hoe groot die beschadiging is en hoe acuut. Als een orgaan doorboord wordt, bijvoorbeeld door een mes of pijp, dan is zo’n beschadiging fataal. Maar ook een beschadiging die bij voortduring wordt toegepast, kan uiteindelijk fataal zijn. Denk hierbij aan langdurig overmatig alcohol gebruik en de lever. Herstel kan soms ook lang duren en vaak nog langer naarmate de leeftijd van iemand hoger is.
Door de verscheidenheid aan functies van de organen is het lastig om alles in goede en gezonde banen te leiden. Dat men zuinig moet zijn op het lichaam is logisch, maar voor velen niet haalbaar.
Structuur
Al die organen hebben een plek in het lichaam. Meestal liggen ze op logische plekken. Het hart en longen liggen dicht bij elkaar, omdat ze een samenwerking hebben. Ook liggen de organen ingebed in een structuur die vorm krijgt door 206 botten (volwassene). Botten kunnen ook weer als een orgaan worden beschouwd, maar vormen ook weer een basis voor de ledematen, zoals arm of been (waar dan ook weer spieren en pezen aan zitten en verbonden door gewrichten). Een breuk in een bot zal over het algemeen herstellen, maar dat kan wel weken/maanden duren.

Transportsysteem
Door ons lichaam gaan ontzettend veel stoffen en andere zaken. Het bloedstelsel (bloed + bloedvaten) is zo’n systeem dat veel stoffen vervoerd. Het bloedstelsel (ook een orgaan) loopt door het hele lichaam en een beschadiging kan grote gevolgen hebben. Als er een probleem is met bijvoorbeeld de aorta, kan dat leiden tot een hartinfarct, soms met dodelijke afloop. Bloed vervoert niet alleen zuurstof/kooldioxide, maar ook mineralen, vetten, hormonen en andere stoffen. Ook vergiften/lichaamsvreemde stoffen worden met bloed vervoerd zodat het afgevoerd kan worden. Maar bloed heeft ook stoffen ter verdediging (witte bloedcellen) en herstel bij (huid)beschadigingen (bloedplaatjes). Het bloedstelsel is dus belangrijk, maar kan ook bedreigd worden, denk aan cholesterol en diabetisch (suikerziekte).
Naast het bloedstelsel is er ook het lymfestelsel. Dit stelsel is uitsluitend bedoeld voor het afvoeren van afvalstoffen. De afvalstoffen worden in lymfeknopen vernietigd. Niet alle afvalstoffen worden door lever of nieren onschadelijk gemaakt. Daarnaast speelt je lymfestelsel een belangrijke rol bij het verdedigen van je lichaam tegen infecties. Witte bloedcellen komen dan ook voor in lymfevocht. Bacteriën en virussen worden ook vaak in het lymfestelsel onschadelijk gemaakt. Het zal duidelijk zijn dat als dit verdedigingssysteem niet goed werkt, je lichaam een gevaar loopt. De bekendste bedreiging is (de vaak dodelijke) lymfeklierkanker (Hodgkin). Maar ook overbelasting kan zorgen voor opzwellen lymfeklieren, waardoor ook de afweer wordt verminderd.
Het lymfestelsel is vaak het meest onderschatte orgaan van je lichaam, terwijl het juist samenwerkt met veel organen/weefsels. Wat je eet/drinkt kan invloed hebben op het functioneren van de lymfe. Als je heel vet eet, dan kan de lymfe het niet allemaal afvoeren, waardoor er ook vet in de bloedvaten komt en deze kunnen dichtslibben. Ook als er teveel gif/lichaamsvreemde stoffen binnenkomen, kan het zijn dat de lymfe dit er niet allemaal uitfiltert en het op plaatsen terecht komt waar het schade kan veroorzaken.
Een ander bekend transportsysteem is het zenuwstelsel. Ook dit is een orgaan. Informatie wordt via stroompjes door het lichaam gevoerd. Zenuwcellen zijn aan elkaar verbonden en geven via membranen signalen door. Grofweg zijn er 2 zenuwstelsels. Het centrale zenuwstelsel (CZ; hersenen/ruggenmerg) die zorgen dat er een communicatie is tussen de hersenen en rest van het lichaam. Het stuurt ook het autonome zenuwstelsel aan, dat bijvoorbeeld zorgt voor je hartslag en ademhaling. Het perifere stelsel zit meer lokaal in het lichaam en zorgt er voor dat de prikkels naar het centrale zenuwstelsel worden gestuurd en ook de terugkomende signalen. Lokale prikkels kunnen sensorisch zijn (bijvoorbeeld pijn) of motorische (beweging). De snelheid van de signalen kunnen soms enorm hoog zijn. Als je je hand op een te heet voorwerp legt, dan gaat er een sensorische prikkel naar het CZ en de hersenen zorgen dat het motorisch systeem je hand terugtrekt. Dit alles in een fractie van een seconde.
Het zal duidelijk zijn dat als in dit systeem de signalen niet goed en snel doorgegeven worden, dit tot problemen leidt. Dit kan bijvoorbeeld als een zenuw wordt doorgesneden. Herstel is mogelijk, maar zenuwen groeien traag. Ook kan het zijn dat de overdracht van de signalen niet goed gaat. De overdracht gebeurt door neurotransmitters. Hierbij gaan stofjes van de zendende kant (dendriet) naar de ontvangende kant (receptor) en is het gebied ertussen (synaps). Het zal duidelijk zijn dat als er te weinig neurotransmitters zijn, het signaal langzamer of niet wordt doorgegeven. De aanwezigheid van bepaalde mineralen (zoals natrium, kalium en chloride) kunnen hier een rol in spelen. Ook het tegenovergestelde kan gebeuren namelijk dat de prikkel te sterk is. Dit kan zich dan uiten in de vorm van stress (waar meer dan alleen overprikkeling voor nodig is). Voeding is belangrijk, maar ook dat er voldoende rust is, waardoor er minder prikkels zijn en daardoor minder zenuwbelasting.
Om het verhaal niet te lang te maken, laat ik andere zaken maar weg. Het is wel duidelijk dat voeding een belangrijke rol speelt. Maar ook beweging speelt een belangrijke rol. Stof genoeg om nog wat blogs mee te vullen.
